Voeding & Recht

Blog over Voedingsmiddelenwetgeving, cosmeticaregels, Europese wetgeving en geneesmiddelenrecht

Blog met kennisartikelen inzake het levensmiddelenrecht. Aandacht voor cosmeticawetgeving, Europese Regelgeving en juridisch advies farmaceutisch recht. Daarnaast juridische wetenswaardigheden en kantoorupdates van Slijpen Legal!

Etikettering en labelling van voedingsmiddelen en voedingssupplementen

De verstrekking van voedselinformatie aan consumenten

Verkoopt u voedingsmiddelen en/of voedingssupplementen? Dan dient u ervoor te zorgen dat het etiket op de verpakking voldoet aan een aantal bijzondere regels. In zijn algemeenheid geldt dat de informatie op het etiket helder moet zijn. De samenstelling van het product, de voedingswaarden en de eventueel aanwezige allergenen moeten worden vermeld. Daarnaast is van belang dat claims inzake bijzondere voedingswaarden of eigenschappen van eet- en drinkwaar niet in strijd zijn met de Claimsverordening.

Etikettering en labelling van voedingsmiddelen en voedingssupplementen

Het is van het grootste belang dat etikettering en labelling van voedingsmiddelen en voedingssupplementen (eten en drinken) op de juiste wijze geschiedt: de informatie moet nauwkeurig en correct zijn. Daarbij dient men rekening te houden met een veelvoud aan nationale en internationale regelgeving, waaronder de Codex Alimentarius[1].

Etikettering en labelling van voedingsmiddelen en voedingssupplementen.

Etikettering en labelling van voedingsmiddelen en voedingssupplementen.

 

Zoals u wellicht al op onze website heeft kunnen lezen, gelden er voor verpakkingsmaterialen en voedselcontactmaterialen eveneens bijzondere regels. Daarover leest u meer op de webpagina wettelijke regels voor verpakkingen van levensmiddelen.

In deze bijdrage gaan we nader in op de wettelijke regels inzake de verstrekking van voedselinformatie aan consumenten.

1. Etiketten en labels – wat wordt er van u verwacht?

Waar moet de levensmiddelensector aan voldoen op het gebied van etikettering? Wat moet er op het etiket staan?

In zijn algemeenheid geldt dat het etiket duidelijk, leesbaar, begrijpelijk en niet misleidend moet zijn. Dat is echter niet alles. De wet stelt bijzondere regels over verstrekking van informatie inzake samenstelling en (generieke) aanduiding van het product, de aanduiding van inhoud of hoeveelheid, de volgorde van de gebruikte ingrediënten, houdbaarheid en herkomst, om maar eens iets te noemen.

Veel van de regels vinden hun oorsprong in Verordening (EU) 1169/2011 betreffende de Verstrekking van Voedselinformatie aan Consumenten (VVC) en zijn dus hoofdzakelijk van Europese origine. De VVC kan worden gezien als een kaderverordening die de basis vormt van het wettelijke stelsel inzake etiketteringsvoorschriften.

De VVC streeft ernaar “(…) een hoog niveau van bescherming van de gezondheid van de consumenten te bereiken en hun recht op informatie te waarborgen.”

Om die reden “(...) moet ervoor worden gezorgd dat de consumenten de nodige informatie krijgen over de levensmiddelen die zij consumeren. De keuzes van de consumenten kunnen onder meer door gezondheids-, economische, milieu-, sociale en ethische overwegingen worden beïnvloed.”

2. Wettelijke regels: nationale en internationale etiketteringsvoorschriften

Met de inwerkingtreding van de VVC in 2014 is het tot dan toe in Nederland geldende Warenwetbesluit Voedingswaarde-informatie Levensmiddelen ingetrokken en vervangen door het Warenwetbesluit Informatie Levensmiddelen. Het Warenwetbesluit stelt in artikel 2 nadrukkelijk:

‘'Het is verboden ten aanzien van levensmiddelen te handelen in strijd met artikel 16 van verordening (EG) 178/2002(verbod op het misleiden van de consument).

Het is verboden te handelen in strijd met de bij of krachtens de artikelen 3, 4, derde en vijfde lid, 5, 6, eerste en tweede lid, 7, 8, eerste lid, 9, 10, eerste, tweede en derde lid, 12 en 14, van verordening (EG) 1924/2006 gestelde voorschriften (Claimsverordening: deze Verordening stelt wettelijke regels inzake voedings- en gezondheidsclaims).

Het is verboden te handelen in strijd met de bij of krachtens de artikelen 3, 5, eerste lid, 9, eerste, tweede, vierde, zesde, zevende, en achtste lid, 10, eerste en tweede lid, 11, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, 12, 13, 14, eerste en tweede lid, 15, vierde lid, 16, 27, en 28, tweede lid, van verordening (EG) 110/2008, gestelde voorschriften (dit zijn voorschriften met betrekking tot de etikettering van gedistilleerde dranken).

Het is verboden te handelen in strijd met de bij of krachtens de artikelen 6, 7, 8, tweede tot en met achtste lid, 9, 10, eerste lid, 12, 13, eerste tot en met vijfde lid, 14, eerste en tweede lid, 15, eerste lid, 16, eerste en tweede lid, 17, 18, eerste tot en met vierde lid, 21, eerste lid, 22, 23, eerste en tweede lid, 24, 25, 26, eerste, tweede, derde en achtste lid, 27, 28, tweede lid, 30, eerste tot en met derde lid, 32, 33, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, 34, 35, eerste en zesde lid, 36, 37, 44, eerste lid, onder a, en 54, tweede lid, van verordening (EU) 1169/2011, gestelde voorschriften.”

Bedrijven in de food sector zijn verplicht om etiketteringsvoorschriften na te leven

Uit deze opsomming blijkt direct dat meerdere Verordeningen specifieke regels stellen over de verstrekking van voedselinformatie. Ook mag duidelijk zijn dat de exploitant van een levensmiddelenbedrijf weinig speelruimte heeft: bedrijven in de food sector zijn verplicht om de etiketteringsvoorschriften van deze Verordeningen in acht te nemen.

Codex Alimentarius

Naast levensmiddelenwetgeving van Nederlandse bodem en Europese origine, komt nog belang toe aan de Codex Alimentarius. De Codex Alimentarius is een intergouvernementele organisatie onder auspiciën van de FAO en de WHO, die zich bezighoudt met het vaststellen en uitwerken van standaarden en richtlijnen voor de internationale handel in levensmiddelen en voedingssuppplementen, waarbij bescherming van de volksgezondheid centraal staat. De Europese Commissie is sinds 2004 volwaardig lid van de Codex.

De organisatie kent een Codex Comité voor de Etikettering van Levensmiddelen (CCEL) waarvan Canada momenteel voorzitter is. Het CCEL beraadslaagt over alles wat met etikettering van voedingswaar te maken heeft. Blijkens het verslag van de laatste vergadering[1] zijn onderwerpen besproken als etikettering van alcoholhoudende dranken, vermelding van houdbaarheidsdata, etikettering binnen de B2B-branche en ‘consumer preference claims’ (aanduidingen zoals ‘halal’, ‘duurzaam’, ‘vegan’).

Wettelijke regels: nationale en internationale etiketteringsvoorschriften.

Wettelijke regels: nationale en internationale etiketteringsvoorschriften.

3. Warenwetbesluit Informatie Levensmiddelen: Lotnummer

Een belangrijke bepaling vormt artikel 4 van het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen, dat stelt dat een levensmiddel slechts in de handel mag worden gebracht indien het voorzien is van een vermelding die het mogelijk maakt om de partij waartoe het product behoort, te identificeren. Het gaat hier om de vermelding van het zogenaamde Lotnummer of Batchnummer en vormt een belangrijke tool voor traceerbaarheidsverplichtingen op basis van – onder meer- Verordening (EG) 178/2002 (Verordening Algemene Levensmiddelenwetgeving).

Supply chain

Iedere actor in de supply chain is in beginsel (voor gelijke delen) verantwoordelijk voor de correcte vermelding van een Lotnummer. Blijkens het Warenwetbesluit wordt het Batchnummer vastgesteld en aangebracht door de producent, de fabrikant, de verpakker (of herpakker), of de eerste in de Europese Unie gevestigde verkoper van het betrokken levensmiddel. Ongeacht de rol die een exploitant van een levensmiddelenbedrijf heeft binnen een specifieke supply chain, bestaat er dus de verplichting om een Batchnummer vast te stellen, aan te brengen dan wel te controleren op aanwezigheid van dit identificatienummer.

Ontbreekt het Lotnummer, kunt u niet (meer) achterhalen waar een partij levensmiddelen of voedingssupplementen vandaan komt en valt het product niet onder de uitzonderingen van artikel 5 van het Warenwetbesluit? Dan mag het product niet in de handel worden gebracht.

4. Europese wetgeving voor etikettering en labelling

De Europese wetgeving voor etikettering en labelling bestaat uit een aantal Verordeningen. Deze Europese regels zijn van toepassing op het in Nederland geldende levensmiddelenrecht. Allereerst komt belang toe aan Verordening (EU) 1169/2011, de VVC, die als kaderverordening fungeert. Voorheen werd de etikettering van levensmiddelen binnen de EU geregeld door een aantal Richtlijnen, waarvan de Etiketteringsrichtlijn[2] en de Voedingswaarderichtlijn[3] veruit de belangrijkste waren.

De VVC stelt ‘'de algemene beginselen, voorschriften en verantwoordelijkheden in verband met voedselinformatie, en met name voedseletikettering, vast. Zij stelt de middelen voor de waarborging van het recht van de consumenten op informatie en de procedures voor de verstrekking van voedselinformatie vast, rekening houdend met de noodzaak om voldoende flexibiliteit te bieden om te kunnen reageren op toekomstige ontwikkelingen en nieuwe informatievereisten.’’ Aldus het tweede lid van artikel 1.

VVC-vereisten gelden in alle schakels van de voedselketen

Het artikel maakt verder zonneklaar dat de vereisten van de VVC gelden voor de exploitanten van levensmiddelenbedrijven in alle schakels van de voedselketen waar op enigerlei wijze informatie wordt verstrekt aan consumenten. Ook cateringdiensten door transportbedrijven vallen onder de werkingssfeer van de VVC.

Ook blijft de VVC van toepassing indien andere Unieregels nadere regels stellen ten aanzien van bijzondere voedingsmiddelen.

Nu alle etiketteringsrichtlijnen vervangen zijn door verordeningen, is direct duidelijk dat de Europese wetgever veel belang hecht aan uniformiteit op dit gebied, immers: een verordening is direct toepasselijk in elke lidstaat en verbindend in al haar onderdelen. Ruimte voor een eigen nationale ‘touch’ is er niet meer.

5. Consumentenrechten en consumentenbescherming

Een belangrijk doel van de VVC is de waarborging van het recht van de consument op accurate informatie die op overzichtelijke wijze aan hem wordt gepresenteerd. De consument moet in staat worden gesteld om zogenaamde ‘informed choices’ te maken. Consumentenrechten bestaan – naast aankoopbescherming – voor een belangrijk deel uit dwingendrechtelijke bepalingen die garanderen dat consumenten de juiste informatie verkrijgen over producten en diensten. De keuzes van de consumenten kunnen onder meer door gezondheids-, economische, milieu-, sociale en ethische overwegingen worden beïnvloed en de verstrekking van voedselinformatie moet die keuzes kunnen faciliteren. In de considerans van de VVC wordt nadrukkelijk overwogen dat goede etiketteringspraktijken kunnen bijdragen aan de verbetering van de volksgezondheid:

“In het Witboek van de Commissie van 30 mei 2007 over een EU-strategie voor aan voeding, overge­wicht en obesitas gerelateerde gezondheidskwesties staat dat voedingswaarde-etikettering één van de belangrijke methoden is om de consumenten te informeren over de samenstelling van de levensmiddelen en hen te helpen een doordachte keuze te maken. In de Communicatie van de Commissie van 13 maart 2007, getiteld „EU-strategie voor het consumentenbeleid 2007-2013 - Consumenten mondig maken, hun welzijn verbeteren en hun effectief bescherming bieden” is onderstreept dat het voor daad­werkelijke concurrentie en de consumentenwelvaart van essentieel belang is dat de consumenten doordachte keu­zes kunnen maken. Kennis van de grondbeginselen van voeding en een adequate voedingswaarde-informatie op levensmiddelen zouden er veel toe bijdragen dat de con­sument die doordachte keuze kan maken.”

Consumentenrechten en consumentenbescherming: De verstrekking van adequate en juiste voedselinformatie aan consumenten.

Consumentenrechten en consumentenbescherming: De verstrekking van adequate en juiste voedselinformatie aan consumenten.

Vrij verkeer van goederen, reclame-uitingen

Nog een belangrijke pijler onder de VVC is de facilitering van het vrij verkeer van goederen binnen Europa, één en ander met inachtneming van de gelegitimeerde belangen van levensmiddelenexploitanten en de voorziening van kwalitatief hoogstaand voedsel.

Tegen de achtergrond van de consumentenbescherming, dient de voedselinformatievoorziening ‘fair’ te zijn. Wat dit exact inhoudt, wordt nader uitgewerkt in artikel 7 van de VVC. Dit artikel bepaalt als volgt:

1. Voedselinformatie mag niet misleidend zijn, met name niet:

a) ten aanzien van de kenmerken van het levensmiddel, en vooral niet ten aanzien van de aard, identiteit, eigenschap­pen, samenstelling, hoeveelheid, houdbaarheid, land van oor­sprong of plaats van herkomst en wijze van vervaardiging of productie;

b) door aan het levensmiddel effecten of eigenschappen toe te schrijven die het niet bezit;

c) door te suggereren dat het levensmiddel bijzondere kenmer­ken vertoont terwijl alle soortgelijke levensmiddelen dezelfde kenmerken bezitten, met name door nadrukkelijk te wijzen op het ontbreken of aanwezig zijn van bepaalde ingrediënten en/of voedingsstoffen;

d) door via de presentatie, beschrijving of afbeelding de aan­wezigheid van een bepaald levensmiddel of ingrediënt te suggereren terwijl het in werkelijkheid een levensmiddel be­treft waarin een van nature aanwezig bestanddeel of norma­liter gebruikt ingrediënt is vervangen door een ander be­standdeel of een ander ingrediënt.

2. Voedselinformatie is nauwkeurig, duidelijk en voor de consument gemakkelijk te begrijpen.

3. Behoudens de afwijkingen waarin wordt voorzien in de wetgeving van de Unie betreffende natuurlijk mineraalwater en voor een bijzondere voeding bestemde levensmiddelen, mag de voedselinformatie aan levensmiddelen geen eigenschappen toe­schrijven inzake het voorkómen, behandelen of genezen van een menselijke ziekte, noch toespelingen maken op dergelijke eigenschappen.

4. De leden 1, 2 en 3 gelden ook voor:

a) reclame;

b) de wijze van aanbieding van de levensmiddelen en met name de vorm of het uiterlijk van de levensmiddelen, en de ver­pakking, het gebruikte verpakkingsmateriaal, de wijze waarop de levensmiddelen worden gepresenteerd, alsmede de omgeving waarin zij worden uitgestald.

Houdbaarheidsdatum en ingrediëntendeclaratie

Het vereiste van lid 2- ‘nauwkeurig, duidelijk en makkelijk te begrijpen’ wordt nog nader uitgewerkt in artikel 13. Dit artikel stelt vereisten aan de zichtbaarheid van verplichte voedselinformatie, zoals plaats van het etiket op de verpakking, de minimale grootte van het lettertype en gebruik van symbolen en afbeeldingen. Dat voedselinformatie niet misleidend mag zijn, betekent ook dat de houdbaarheidsdatum en de ingrediëntendeclaratie correct moeten zijn.

Verdere specifieke vereisten worden uitgewerkt in artikel 9 t/m 35 van de VVC. In deze artikelen wordt bepaald welke informatie verplicht vermeld dient te worden op het etiket. Het gaat dan om onder meer de naam van het product/levensmiddel, de ingrediëntendeclaratie, vermelding van allergenen, netto gewicht, houdbaarheidsdatum en bewaaradvies. Ook informatie over de voedingswaarde van het product moet verplicht op het etiket worden vermeld.

Vrijwillige voedselinformatie

Daarnaast kent de VVC nog een aantal voorschriften inzake de vermelding van vrijwillige voedselinformatie. Die voorschriften zijn opgenomen in artikel 36 en 37 van de VVC. Artikel 36 bepaalt onder andere als volgt:

Vrijwillig verstrekte voedselinformatie voldoet aan de vol­gende eisen:

a) zij is niet misleidend voor de consument, in de zin van artikel 7;

b) zij is niet dubbelzinnig of verwarrend voor de consument, en

c) zij is in voorkomend geval gebaseerd op relevante weten­schappelijke gegevens.

3. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast inzake de toepassing van de in lid 2 van dit artikel bedoelde voorschriften voor de volgende vrijwillige voedselinformatie:

a) informatie over de mogelijke onbedoelde aanwezigheid in voedsel van stoffen of producten die allergieën of intoleran­ties kunnen veroorzaken;

b) informatie met betrekking tot de geschiktheid van een le­vensmiddel voor vegetariërs of veganisten, en

c) de vermelding van referentie-innames voor specifieke bevol­kingsgroepen naast de in bijlage XIII weergegeven referentie- innames.

Artikel 37 bepaalt vervolgens nog dat “De vermelding van de vrijwillige voedselinformatie mag niet ten koste gaan van de ruimte die voor de verplichte voedselinfor­matie beschikbaar is.”

Onder vrijwillige voedselinformatie valt bijvoorbeeld de aanduiding dat een levensmiddel biologisch geproduceerd is, maar ook de zogenaamde beschermde oorsprongsaanduidingen. Informatie over de oorsprong van een product wordt nader gereguleerd door Verordening (EU) 1151/2012 inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen.

6. Claimsverordening: gezondheids- en voedingswaardeclaims

Het komt regelmatig voor dat op het etiket of op de verpakking van een levensmiddel nadere informatie wordt verstrekt over bijzondere voedingswaarden of gezondheidsbevorderende effecten. Welke gezondheids- of voedingswaardeclaims zijn toegestaan, wordt nader gereguleerd door de Europese Claimsverordening (EU) 1924/2006 inzake voedings-en gezondheidsclaims. Een claim is elke niet verplichte boodschap of bewering die stelt of suggereert dat een voedingsmiddel over bepaalde eigenschappen beschikt. Ook afbeeldingen of symbolen op verpakkingen kunnen als een dergelijke claim gelden.

Gezondheidsbevorderende effecten: toetsing door EFSA

In zijn algemeenheid geldt dat claims met betrekking tot gezondheidsbevorderende effecten alleen zijn toegestaan indien de bewering is getoetst en goedgekeurd door de EFSA. Iedere bewering dient daarom te worden gedragen door afdoende wetenschappelijk bewijs. Voedingsclaims die zijn toegestaan, worden door de EFSA in een register opgenomen. Het is verstandig om vooraf te laten checken of het gebruik van bepaalde claims of beweringen is toegestaan.

Dat geldt overigens niet alleen voor de tekst die op een verpakking of etiket wordt opgenomen. Ook reclame-uitingen of beweringen over een levensmiddel op een website vallen onder de reikwijdte van de Claimsverordening. Zowel de NVWA als de Reclame Code Commissie zien toe op de naleving van de Claimsverordening.

7. Voedingswaardedeclaratie, allergenen, hulpstoffen

De voedingswaarde van een levensmiddel dient verplicht op het etiket te worden vermeld. Dit noemen we de voedingswaardedeclaratie. Hoe deze vermelding eruit dient te zien, wordt voorgeschreven door Annex I van de VVC. Denk aan het benoemen van het energiegehalte van het product. Ook is het verplicht om naast een uitvoerige ingrediëntendeclaratie de eventuele aanwezigheid van de in Annex II van de VVC opgenomen allergenen te vermelden. Het gaat daarbij om onder meer de gluten bevattende granen en bepaalde derivaten daarvan, soja, noten en pinda’s, just to name a few. Ook indien de allergenen strikt genomen niet in het product aanwezig zijn, maar er een kans bestaat dat sporen van allergenen aanwezig zijn door contaminatie, moet het etiket dat vermelden.

E-nummers, additieven, enzymen, smaakstoffen en kleurstoffen

Ook voor de vermelding van hulpstoffen -zoals E-nummers- gelden specifieke regels, die vermeld worden in artikel 18 en Annex VII van de VVC. De ingrediëntenlijst bevat verplicht alle in het levensmiddel gebruikte stoffen, waaronder additieven, enzymen, smaak- en kleurstoffen en elk bestanddeel van een samengesteld ingrediënt dat gebruikt is tijdens het productieproces, voorzover het aanwezig is in het eindproduct.

Slechts voor enkele producten geldt dat zij zijn vrijgesteld van de verplichte ingrediëntendeclaratie. Daarbij gaat het grosso modo om producten die natuurlijk en onbewerkt zijn, zoals verse groenten en fruit, boter en kaas.

8. Verplichting tot naleving van de wettelijke etiketteringsvereisten

U dient er rekening mee te houden dat de wettelijke etiketteringsvereisten een dwingend karakter hebben.

De NVWA controleert en handhaaft hierop. Is een etiket niet in orde en ligt het product al in de schappen? Dan zult u een recall moeten uitvoeren.

Vraag ons gerust om advies, wij ondersteunen uw organisatie graag!



[1] https://www.codexalimentarius.nl/sites/codexalimentarius.nl/files/bijlagen/nl_ccfl_2017_0.pdf

[2] Richtlijn 2000/13/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 maart 2000 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgeving der lidstaten inzake de etikettering en presentatie van levensmiddelen alsmede inzake de daarvoor gemaakte reclame, Pb. EG 2000, L 109/29.

[3] Richtlijn 90/496/EEG van de Raad van 24 september 1990 inzake de voedingswaarde-etikettering van levensmiddelen, Pb. EG 1990, L 276/40.